Brieven gekregen van Yad Vashem, Israël XII.
De correspondentie houdt vrijwel op naar het vertrek van Franz, Ilse en Sanne. Er volgt medio december 1943 nog 1 briefkaart van Ellen-Citroen-Philippi.
Mijn geliefde kinderen! Deze brief gaat eerst een dag later weg want men heeft briefformulieren te pakken gekregen. Maar ik hoop desondanks dat jullie al mijn goede daar ingedruppelde wensen hebben gekregen en dat wij elkaar eens allemaal gezond eeer zullem zien. Jullie moeten je op jou verjaardag, mijn oudste, richten.
Het is steenkoud hier, het schijnt in Polen begonnen te zijn.
Ach kinderen! Alle pakketten, die drie voor de
Ledermanns zijn in mijn handen gevallen. Ook twee van Engel.
Hoeveel liever had ik al deze goede dingen gedeeld, of nog liever er vanaf gezien.
En jullie brieven en de tekeningen van
Paulientje en Paul. Lientje twee kaarten. Het pakje van Oma uit Hiversum kwam vandaag aan, geopend zoals alles en er zaten 10 grote en kleine lichtjes in. Het is zo ontroered dat zij aan mij denkt. Lena en Johan stuurde een heerlijk St. Klaaspakket en een lieve ... Wat zijn zij toch goede vrienden!
Nu mogen alleenstaande personen vanaf 16 December eens in de zes weken één pakket ontvangen indien ....
stempel in ... ....
 
                        .... bevestigd moet zijn en van het Joodse deel van een gemengd huwelijk moet zijn.
Mijn
Rutje jou verjaardag was bij mij , maar door alle toestanden komt het te laat. Mijn gedachten zijn steeds om en met jullie. Lottie (Barbara) zal schrijven, ik voel mij zo vol leven voor jullie geliefden en wees omhelst door

                                              Mutti
Op dinsdag 7 december 1943 was het in Nederland een zeer koude, sombere dag met een gemiddelde temperatuur van -1.2 °C. De dag verliep vrijwel zonder zonneschijn (0 uur) en er viel in totaal ongeveer 0.8 mm neerslag. Er stond een zwakke wind uit zuid-zuidwestelijke richting
Lieve familie Citroen,                                                                                                                                     27-1-1945

Jullie weten nauwelijks iets van mijn bestaan, maar jullie zijn mij mede door de brieven van Dolly en Vincent aan de Ledermanns heel erg bekend, zodat ik jullie niet anders aanspreken kan. Ter nadere orientatie: wij woonden aan het Merwedeplein in de woning van Ruth en Toby Nussbaum en kwamen dagelijks in contact met de familie Ledermann.
Intussen waren wij allen uit ons huis gehaald en zaten sinds twee jaar in een kamp. De lieve
Ledermanns moesten helaas naar Auschwitz - ik weet sindsdien niets meer over hen.  Omi, haar (Ilse) moeder en haar schoonmoeder kwam samen met mijn man in Bergen-Belsen, een kamp van de hel, waar hunger, mishandeling en verschrikking heerste. Mijn man had in Westerbork een hartkwaal opgelopen, waaraan hij na negen maanden in Bergen-Belsen is overleden. Ik kon dus, dankzij mijn broers en zussen in Zweden die mij aan een Ecuador-pasport geholpen hebben, alleen naar de vrijheid vertrekken. Een vrijheid, zoals jullie wel zullen begrijpen, waar ik weinig mee kan.
Omi hoorde heel erg bij ons, ik heb steeds geprobeerd Ilse een beetje te vervangen. Zij hield zich vanaf het begin zo dapper, zo goed net als in Westerbork. Zij kwam snel in een ouderenbarak, zij was daar erg ongelukkig en de moed begon haar in de schoenen te zinken.  Een longontstekking kluisterde haar maanden lang aan bed. Zij herstelde weer dusdaning dat zij kon opstaan en naar buiten kon gaan. In de herfst begon zij echter weer te kwakelen, moest 3 keer een verhuizing naar een andere barak ondergaan, met steeds verslechterende verblijfsomstandigheden in het hele kamp ontnamen haar de laatste kracht reserves. Omdat ik zelf in de ziekenbarak werkte, werd zij beterverzorgd dan menig andere oude vrouw, maar dat mocht niet baten. Jullie moeder sliep op de 5e van de maand rustig in. Ik was tot het einde bij haar. Verrukt was zij met jullie kaart die geloof ik eind december aankwam tesamen met voedselpakketten uit Zweden. Vergeef mij dat ik alles zo zakelijk en met droge ogen opschrijf, 2 jaar kampleven, dat was een noodlot, dat ook andere duizenden Joden heeft afgestompt. Ik ben niet meer, of misschien nog niet, in staat mij op andere wijze uit te drukken. Hierbij stuur ik jullie alles wat ik van Omi's nalatenschap mee kon nemen.
Ik vrees dat wij morgen weer verder reizen. Jammer, ik had zo graag nog met jullie willen praten. Verder in het onbekende - en ik had nog maar één wens, naar mijn zuster in Zweden te gaan. Mochten jullie het adres van
Ruth Nussbaum in Anerika hebben, of daaraan kunnen komen haar dan mede te delen dat ik onderweg naar Amerika ben. Tevens verzoek ik jullie vriendelijk om mijn zuster, Dr. L. Croner, Abrahamsberg, Rörläggervägen 44, II Stockholm, Zweden van mij mede te delen dat ik mijn man verloren heb. Wij zijn welliswaar vier dagen hier, maar iedereen is nog totaal kapot door het verleden door een treinreis van vier dagen en nachten.
Voor jullie en jullie kinderen de beste wensen. Jullie

                                                                                    Annemarie Rosenbaum
Rörläggarvägen 44, Abrahamsberg, Stockholm.
Annemarie Rosenbaum-Schoenlank. Geboren 08-12-1907, Tegel, Duitsland.
Gehuwd met Wilhelm Rosenbaum op 06-07-1938 te Amsterdam.
Ludwig Friedrich Toby, geboren 19-11-1902 te Berlijn. Is op 01-09-1932 getrouwd met Ruth Offenstadt. Ruth is geboren 09-09-1911 te Berlijn. Zij zijn in Den Haag gescheiden op 02-07-1937. Hij is op 12-02-1940 naar Palestina gegaan. Zijn vrouw en dochter Hanna bleven achter in Amsterdam.
Ruth Offenstadt Nussbaum.
Geboorte 9 Aug 1911 Berlin-Mitte, Mitte, Berlin, Duitsland.
Overlijden 27 Apr 2010 (98 oud) Sherman Oaks, Los Angeles, California, Verenigde Staten van Amerika
Begrafenis Hillside Memorial Park Culver City, Los Angeles, California, Verenigde Staten van Amerika
Perceel Garden of Abraham, Front of Mausoleum, Family Estate B, Grave 1

Instrumental in the creation of the Association of Reform Zionists of America (ARZA), Ruth Nussbaum played a pivotal role in helping to reshape the Reform movement of Judaism's view of Zionism, which once was anti-Zionist. She was also co-chairwoman of the women's division of the United Jewish Welfare Fund and wife of Rabbi Max Nussbaum of Temple Israel, Hollywood, California. After moving to Amsterdam as a young woman to escape Nazi persecution, she was neighbors with the Frank family. Daughter Anne would play with Ruth's daughter Hannah from her first marriage to Ludwig Friedrich ("Fritz") Toby.



Rabbi Dr. Max Nussbaum.
Geboorte 4 Apr 1908 Suceava, Roemenië
Overlijden 20 Jul 1974 (66 oud) Los Angeles, Los Angeles, California, Verenigde Staten van Amerika
Begrafenis Hillside Memorial Park Culver City, Los Angeles, California, Verenigde Staten van Amerika
Perceel Garden of Abraham, Front of Mausoleum, Family Estate B, Grave 1

Rabbi Nussbaum was a leading figure in world of Zionism and head of Temple Israel from 1942-1974, leading Hollywood (CA) synagogue which also operates Hillside Memorial Park, Los Angeles.
He was the last Rabbi to leave Berlin under Nazi rule in 1940. He was also the youngest Rabbi ever to be ordained in Germany. He tutored Elizabeth Taylor and Sammy Davis Jr. with their religious conversions and his name often appeared in print with show business personalities.
He was President of the Zionist Organization of America, Honorary President of the World Jewish Congress, and was honored in 1959 on the Ralph Edwards TV program "This Is Your Life". He also received the prestigious Scopus Award in 1971 by the American Friends of Hebrew University.


Hannah Elizabeth Nussbaum Marsh
Geboorte 2 Dec 1934 Berlin, Duitsland
Overlijden 20 Okt 2013 (78 oud) Los Angeles, Los Angeles, California, Verenigde Staten van Amerika
Begrafenis Hillside Memorial Park Culver City, Los Angeles, California, Verenigde Staten van Amerika
Perceel Nussbaum family garden
Fritz Croner (geboren 27 februari 1896 in Berlijn ; overleden 7 juni 1979 in Stockholm , Zweden) was een Zweedse socioloog van Duitse afkomst.

De socioloog Croner promoveerde in 1921 onder begeleiding van Emil Lederer aan de Universiteit van Heidelberg . Hij stond aan het hoofd van de afdeling sociaal beleid van de Duitse Voormannenvereniging (DWV) , was lid van de Sociaal-Democratische Partij (SPD) en zat in het bestuur van de Algemene Federatie van Vrije Werknemers . Van 1926 tot 1933 doceerde hij sociologie en sociaal beleid aan de Duitse Academie voor Politiek . Als politiek vluchteling emigreerde hij in juni 1934 naar Zweden , waar hij persoonlijke contacten had. Daar richtte hij in 1935 het Sociologisch Instituut op aan de Universiteit van Lund en leidde dit tot 1939. Vervolgens doceerde hij aan de Universiteit van Stockholm en werkte hij voor vakbonden. Croner verkreeg in 1944 de Zweedse nationaliteit en keerde nooit meer terug naar Duitsland.
Een belangrijk aandachtspunt in zijn werk was de sociologie van de witteboordenberoepsbevolking . In tegenstelling tot marxistische theoretici plaatste Croner witteboordenberoepsbevolking niet in een sociale klasse, maar beschreef hij hen als een sociale laag . Croner definieerde sociale lagen aan de hand van overeenkomsten in economische omstandigheden, sociale status en waardenbewustzijn. In tegenstelling tot de blauweboordenberoepsbevolking schreef hij in zijn functionele theorie vier fundamentele taken toe aan witteboordenberoepsbevolking: een werksturende, een analytisch-constructieve, een commerciële en een administratieve taak.
VERVOLG



                                                         WEGGUM.COM
Oostdorperweg 100, Wassenaar.
De laatste transporten

In september 1944 vertrokken de laatste grote transporten uit kamp Westerbork. Slechts enkele honderden gevangenen bleven achter waarmee het kamp een compleet ander karakter kreeg. Het bleek bijvoorbeeld een stuk makkelijker voor honderden mensen te koken dan voor duizenden. ‘Habben heute mittah zum ersten Male, seit ich hier bin, ein richtiges Menu bekommen: Nudelsuppe, gekochtes Rindfleisch und Kartoffelmus – alles sehr gut. Widersinnig, so eine Verbesserung im 6. Kriegsjahr und nach allem, was hier geschehen ist’, schreef Hans Bial in zijn dagboek op 23 september 1944. Twee weken later noteerde hij: ‘Das Essen is weiter beänstigend gut.[…] Ich werde dus Gefühl als Mastgans behandelt zu werden, nicht los, obwohl ich mir sagen muss, dass es Unsinn ist, denn was auch immer passiert – sie essen uns ja nicht!’

Hans Bial en andere overgebleven gevangenen werden na september 1944 ondergebracht in een deel van de vroegere vluchtelingenkampbarakken (barak 1 t/m barak 33) dat met prikkeldraad omzoomt werd. In de overige vluchtelingenkampbarakken werden Duitse troepen gelegerd. Eerst SD’ers en jonge soldaten, later leden van de Grenzschutzpolizei, “oude” mannen tussen 50 en 65 jaar. De grote woon- en industriebarakken kwamen vrijwel allemaal leeg te staan.