GUNNERSIDE.

Ondertussen verloor men bij SOE geen tijd om na de Freshman-ramp een alternatief plan te ontwikkelen voor een aanval op de fabriek in Vemork. Elke verloren dag voor de geallieerden was een dag winst voor de Nazi’s. De voorraden zwaar-water groeiden langzaam en op een gegeven moment zou men genoeg hebben en het geheel naar Duitsland verschepen ten behoeve van de atoomgeleerden van de Führer.
Het plan was simpel en doeltreffend, een aanvalsgroep bestaande uit zes Noren, geselecteerd uit de Linge- Compagnie, codenaam GUNNERSIDE. Zij zouden bij de eerst mogelijke gelegenheid per parachute op de Hardangervidda gedropt worden. Nadat zij contact hadden gemaakt met SWALLOW zouden zij gezamenlijk naar de fabriek optrekken, deze vernietigen en ontsnappen naar Zweden. Tot op zekere hoogte werd de snelheid waarmee SOE de beslissing nam afgedwongen door de omstandigheden. Er was namelijk geen ander alternatief. Alle mogelijkheden waren al bekeken en afgekeurd. Een bombardement vanuit de lucht werd door de Noorse overheid afgewezen, het was te laat voor een vliegboot-operatie want de meren waren al bevroren. Zelfs al had het nog wel gekund, een zweefvliegtuig-operatie stond na Freshman überhaupt niet meer op de agenda.  Als men de operatie van binnenuit zou organiseren dan zou dit  verschrikkelijke represailles onder de lokale burgerbevolking ten gevolge hebben.
Martin Jensen Linge
1894 - 1941
De SOE-chefs wisten precies wie deze groep zou moeten leiden. Het was een man die letterlijk en figuurlijk boven iedereen uitstak, een man die alleen door aanwezig te zijn al respect afdwong. Zijn naam was Joachim Rønneberg en hij was nog maar 22 jaar oud. “Rønneberg was één van de besten die wij hadden, hij was goed in balans, onbuigzaam, zeer intelligent en verschrikkelijk sterk”, aldus Kolonel Charles Hampton, de chef van de Noorse opleidingen in het Cairngorms gebergte.
R
ønneberg kwam uit Ålesund aan de westkust van Noorwegen, had net zijn opleiding afgemaakt en werkte voor een bedrijf dat vis naar het buitenland exporteerde. Rønneberg:”Niemand had de invasie van de Nazi’s verwacht, het kwam totaal onverwacht”. “Waar ik vandaan kwam, de westkust tussen Bergen en Trondheim, waren in het begin niet veel Nazi’s, de meeste kwamen pas toen het herfst werd. Toen veranderde het leven compleet, alle plaatsen hadden te maken met verduistering en wij hadden weinig bewegingsvrijheid. De Nazi’s marcheerden zingend door onze straten en wij kregen er na een paar maanden genoeg van en velen besloten het land te verlaten om de Nazi’s openlijk te lijf te kunnen gaan. Liever dat dan thuis te blijven en een beetje de plaaggeest uit hangen. Leven in een bezet land is heel benauwend en je moet het meegemaakt hebben om er over te kunnen oordelen. Wij hadden het idee dat geen opoffering groot genoeg was om de Nazi’s te verdrijven. Voor vrijheid en vrede moet je vechten”.
In maart 1941 nam R
ønneberg samen met zeven andere vrijwilligers, samengeperst in een kleine ruimte een boot uit Noorwegen. “Toen ik in Engeland aankwam ontmoette ik Martin Linge en na enige tijd met hem gepraat te hebben liet ik mijn plannen om bij de marine te gaan varen en nam dienst in het Noorse leger.
Rønneberg kreeg van SOE te horen dat hij vijf mannen voor de missie uit moest kiezen. Experts op ski- gebied  en zij moesten topfit zijn. “ Ik was geëerd dat ik mijn eigen mannen uit kon kiezen, maar het was verschrikkelijk moeilijk, want ik kon er makkelijk 25 uitkiezen die aan de eisen voldeden”. Ik had namelijk alle jongens al eens gezien omdat ik een groot deel van de training voor mijn rekening nam. Ik wilde sterke, fitte manen met een goed gevoel voor humor die met een glimlach de meest uitdagende situaties te lijf kon gaan”. Joachim’s tweede man werd Knut Haugelid (bijgenaamd DE GENERAAL), die net van zijn verwonding aan zijn voet hersteld was waardoor hij niet aan operatie Grouse-2 mee had kunnen deelnemen.
Knut Haugelid
Fredrik Thorbjørn Kayser
1918 - 2009
1911 - 1994
Joachim Holmboe Rønneberg
1919 -
Kasper Idland
1918 - 1968
Hans Storhaug
    Birger Edvan
Martin Strømsheim
( De Kip )
De andere vier werden geselecteerd vanwege hun intelligentie en hun gedrevenheid zonder daarbij op te willen vallen. .Dit maakte hen de ideale teamspelers en daarnaast beschikten zij in gelijke mate over uithoudingsvermogen,dapperheid, discretie, technische kennis, vaardigheden in sneeuwomstandigheden en overlevingstechnieken. Hij had hen leren kennen tijdens trainingen en had gezien dat zij het soort mannen waren die onder alle omstandigheden en zonder gezeur een klus konden klaarden. Deze vier waren: Hans Storhaug, Birger Strømsheim, Fredrik Kayser en Kasper Idland.
Rønneberg kende Strømsheim al, want zij waren beide voor de oorlog lid geweest van dezelfde skiclub. Strømsheim was met 31 jaar de oudste van de Gunnerside-Swallow groep en was radiobedienaar geweest bij de luchtmacht. Storhaug was een uitstekend skiër en werd door zijn collega’
s  DE KIP genoemd na een incident met een Schotse jachtopziener tijdens hun training.
Hij was betrapt bij het plukken van een fazant die hij gestrikt had, maar wist te ontsnappen voordat de jachtopziener hem te pakken kon krijgen. De jachtopziener ging naar SOE om over de stroper te klagen. Toen hem gevraagd werd of hij de stroper kon identificeren zei hij:
”Natuurlijk kan ik dat, hij had een grote snavel en hij leek op een stomme kip”!

De SOE chefs gaven duidelijk aan wat de risico’s van de operatie waren en dat zij zeer waarschijnlijk gedood zouden worden als zij in handen van de Nazi’s zouden vallen als gevolg van het Führerbevel aangaande buitenlandse agenten en commando’s. “Wij gingen naar de Noorse sectie van SOE in Londen waar Professor Tronstad ons vertelde wat er met de mannen van Freshman gebeurd was”,herinnert zich Rønneberg.
“ Hij vertelde ons alles tot in de kleinste details, over hen die de crash overleefd hadden en werden doodgeschoten, of hen waarmee geëxperimenteerd werd en dat sommigen daarna in de Noordzee waren gedumpt.
Hij heeft nooit iets over zwaar-water gezegd en heeft het nooit over atoomwapens gehad. Ik had er geen idee van dat Churchill veel aandacht voor onze actie had. (De visie van Haukelid wijkt hier van af)  Maar je begreep wel dat deze missie heel belangrijk moest zijn omdat hij zo spoedig mogelijk uitgevoerd moest worden, voordat de Nazi
’s hun defensieve versterkingen nog verder uit zouden bouwen. Hij drukte mij op het hart dat er absoluut geen tijd verloren mocht gaan” .

Na maanden van intensieve training waren alle mannen al in topconditie toen zij door R
ønneberg geselecteerd werden om deel te nemen aan operatie Gunnerside. Maar doordat de winter in Schotland nog maar net begonnen was hadden zij nog niet te kans gehad om skioefenen te doen, laat staan om op dit specifieke gebied conditie op te bouwen. Rønneberg :“Gelukkig had ik veel ervaring op het gebied van buitensport, klimmen, skiën en in het wild overleven, maar niet alle Noren waren buitensportmensen die gewend waren om in de bergen te bivakkeren. Sommigen waren vissers, anderen stadsmensen. Voor hen was de training noodzakelijk, kaart lezen en bivakkeren in de buitenlucht. Het begin was voor sommigen misschien wat te zwaar, maar na een week waren de meeste er wel aan gewend. Het groepsgedrag van de rekruten was het sleutelelement. Wij hielpen elkaar en je kwam er al snel achter hoe belangrijk het werken in teamverband is. Tijdens de training werden vriendschappen gesmeed die tot de dag van vandaag voortduren”.

Aan het bekend raken met de plattegronden van de fabriek van Nork Hydro in Vemork werd de hoogste prioriteit toegekend, met name waar de zwaar-water installatie die in de kelder stond en op welke wijze deze het best kon worden opgeblazen.
De zes mannen werden daarom overgeplaatst naar SOE station STS-17 in Hatfield, Hertfordshire.
 



Dit opleidingsinstituut was speciaal voor hen vrijgemaakt om zodoende de geheimhouding te kunnen garanderen. Hier was onder supervisie van Tronstad en Brun een exacte kopie gebouwd van de ruimte waarin zich de zwaar-water installatie zich bevond . Hier oefenden de saboteurs, vaak in het donker, om de explosieven aan te brengen. Alle zes moesten deze oefening zo vaak herhalen tot zij alles snel en zonder erbij na te denken konden uitvoeren. Rønneberg :“Met de aankomst van Jomar Brun in Engeland waren ook alle bouwplannen van de fabriek aangekomen en ik kan zonder meer stellen dat geen enkele operatie die in deze periode vanuit Engeland uitgevoerd werd over zoveel details beschikte als de onze. Er was mij zelfs verteld waar ik de sleutel van het toilet zou kunnen vinden waar ik de Noorse bewaker in op kon sluiten. Niemand van ons was ooit in de fabriek geweest, maar toen wij Engeland verlieten wisten wij er meer van dan wie dan ook”.

Gedurende deze week in STS-17 kreeg de groep ook een intensieve lichamelijke training en schietoefeningen met de Colt 32s. Op een zekere avond kreeg de groep nieuwe pistolen uitgereikt die zij de volgende dag nodig hadden. Vijf minuten later klonk een schot vanuit een van de kamers. De instructeur stormde naar binnen en zag een gat in de muur zitten. “ Wat gebeurt hier?” vroeg hij. Waarop Rønneberg kalm antwoordde:” Wij testen onze nieuwe wapens en die van mij schijnt te werken”.
Onder tijdsdruk werd de parachuteopleiding in Ringford van de Gunnerside teamleden ongelofelijk ingekort. Er werden slechts drie sprongen gemaakt, één individuele sprong, één groepsprong, één nachtsprong en dat was alles.

R
ønneberg was haast pietluttig met het plannen van de operatie, hij realiseerde zich dat het verschil tussen succes en falen, zelfs tussen leven en dood, van het kleinste detail kon afhangen. “Wij mochten zelf de uitrusting voor de missie samenstellen, dat was op zich een goed idee, het hield ons scherp en het hield ons bezig en waarmee werd voorkomen dat onze gedachten afdwaalden en wij ons bezig zouden gaan houden met wat ons zou kunnen overkomen. Wij waren een beetje verbaasd over het feit dat wij Engelse uniformen moesten dragen en geen Noorse, maar men had het idee dat de Nazi’s ons dan beter zouden behandelen”.
De Britse uniformen waren van uitstekende kwaliteit en het zou hen zeker van pas komen, maar om de rest van de uitrusting bij elkaar te krijgen was minder eenvoudig, zeker gezien de te korten tijdens de oorlog. De missieplanners en SOE waren ervan overtuigd dat de Noren als beste in staat waren om hun eigen uitrusting samen te stellen en daarom ontvingen zij geld om hun eigen PSU samen te stellen.
Slaapzakken waren absoluut noodzakelijk, omdat het vrijwel zeker was dat de groep meerdere nachten buiten, zouden moeten slapen tijdens hun ontsnapping naar Zweden, in temperaturen van 30 graden onder nul.
Op 10 december 1942 nam Rønneberg zijn mannen mee naar een fabriek van beddengoed, genaamd Hamptons in het Londense Knightbridge district. “Van daar uit werden wij per taxi naar het havengebied gebracht waar hun fabriek stond. Hier legden wij zo goed mogelijk uit wat wij wilden hebben en wij lieten doorschemeren dat wij de slaapzakken nodig hadden voor een oefening in het Cairngormsgebergte en dat wij daarom zulke speciale slaapzakken nodig hadden” aldus Rønneberg.
“Ik herinner mij dat de man die ons wel wilde helpen, vertelde dat hij nog nooit in zijn leven een slaapzak gemaakt had, maar dat hij het best wilde proberen. Wij gaven hem de details waar de slaapzak aan moest voldoen en maakten wat schetsen. Wij waren erg verbaasd toen wij de volgende dag terug kwamen en de man een slaapzak voor ons uitrolde die wij ter plekke moesten proberen. Het was bijna precies wat wij bedoelden, er moesten paar een paar wijzigingen worden aangebracht. Hij moest vooral groter worden, omdat wij er in uniform met schoenen aan in moesten en er moest een kleine opening in de capuchon komen waardoor wij konden ademen. De buitenzijde werd afgewerkt met waterbestendig materiaal, wat een absolute must was.

Het gewicht was slechts vijf pond en nam, wanneer opgerold, slechts weinig plaats in.  De slaapzakken waren perfect voor de Noorse winter en zouden hen in een sneeuwhol van voldoende warmte voorzien, mits zij takken of heide onder hun grondzeilen zouden leggen.

Wetende dat schoeisel heel belangrijk zou worden wanneer zij aan hun lange trektocht naar de Zweedse grens zouden beginnen gedurende de koudste periode van het jaar, liet Rønneberg bergschoenen komen van een firma genaamd Lawrie & Co, uit Newark in de East Midlands. De bergschoenen die zij uitgereikt hadden gekregen waren lastig te dragen en bleken niet waterdicht te zijn. De standaard kisten van het Engelse leger waren weliswaar waterdicht, maar niet duurzaam genoeg.
R
ønneberg :“Ik kreeg goede kisten te pakken door een toevallige ontmoeting tijdens een tocht in de Cairngorns”.

“Ik ontmoette  twee studenten waarvan mij opviel dat zij op geweldige bergschoenen liepen. Zij gaven mij de naam van de fabrikant. Dit was puur geluk, want alleen de beste schoenen zijn goed  genoeg tijdens zware marsen. Onze ski’s kwamen uit het Noorse depot in Dumfries, daar lagen vooral Noorse modellen, maar ook een enkele Canadese set. Sneeuwbrillen waren ook van vitaal belang, je kunt niet zonder. Als je ze niet draagt krijg je last van sneeuwblindheid en je hebt het gevoel of er kilo’s zand in je ogen zitten. Van onze oefeningen wisten wij dat wij de krachtigste wapens nodig hadden om ons een weg naar binnen te vechten en er weer uit. Daarom kozen wij voor Coltpistolen en de Tommyguns, enerzijds omdat in beide wapens dezelfde munitie ging, maar ook vanwege de goede ‘stop’ kwaliteit”.
Aan het einde van de training van Gunnerside schreef Majoor Rheam van SOE in zijn rapport: ‘Dit was een uitstekend team in alle opzichten, elk lid kent het doel door en door en is uitstekend op de hoogte hoe met elk onderdeel van de operatie omgegaan moet worden. Hun springstofkennis is ver boven gemiddeld en hun wapentraining is uitstekend.. Als de omstandigheden het toelaten zijn zij het team dat de meeste kans van slagen heeft’.

Net als Grouse werd ook Gunnerside niets verteld over zwaar-water, hun orders luiden als volgt:

I. De vijand gebruikt het elektrisch vermogen wat in Vemork beschikbaar is om op grote schaal geheime experimenten te doen, die met alle beschikbare middelen gestopt moeten worden. Dit brengt met zich mee dat de reeds geproduceerde productievoorraad vernietigd moet worden.
II. Gunnerside valt met behulp van explosieven de voorraden en de installatie aan, zodat zowel de geproduceerde vloeistof, als de vloeistof
    in de installatie vernietigd wordt.
III. De leider blijft zich er van bewust dat de vernietiging van de voorraden in de kelders het hoofddoel is en dat deze voorraad vernietigd
    moet worden, ondanks de overige doelen.
 
Het team zou door Swallow op de dropzone opgevangen worden, zo niet dan zou men elkaar zo spoedig mogelijk treffen bij de Svensbu hut wanneer de veiligheidsmaatregelen en de weersomstandigheden dat toelieten. Samen moesten zij hun voorraden verstoppen die zij voor hun terugtocht nodig zouden hebben.
De twee teams zouden dan samen optrekken naar een vooruit geschoven post van waaruit zij de laatste verkenningen uit zouden voeren. Als uit deze verkenningen in de ogen van Rønneberg zou blijken dat de missie geen kans van slagen zou hebben, dan zouden zij zich terugtrekken en verdere orders afwachten. Indien men een Noorse bewaker in de fabriek zou tegenkomen moest deze gekneveld worden. Nazi-bewakers dienden buiten gevecht te worden gesteld op een wijze die de omstandigheden toelieten. Terwijl Gunnerside zich na de actie terug zou trekken richting de Zweedse grens, zou Swallow verdwijnen op de Hardangervidda zoals Poulsson was opgedragen. Er mocht onder geen enkel beding contact worden opgenomen met de Noorse burgerbevolking.
Verraders moesten ge
ëxecuteerd worden en het werd de saboteurs op het hart gedrukt dat zij personen die zij toevallig tegen kwamen uitermate duidelijk gemaakt moesten worden wat de consequenties van verraad zouden zijn: executie door het verzet. Men moest in het bijzonder boerderijen vermijden waar kinderen rondliepen, of waar een telefoon aanwezig zou kunnen zijn. Het gebruik van openbaar vervoer was strikt verboden.

Haukelid: Ik was net uit het hospitaal ontslagen toen Professor Tronstad mij vertelde dat ik toegevoegd was aan een groep Noorse commando’s die zouden gaan opereren onder de naam Gunnerside. Van Kolonel Wilson, Chef operaties in Scandinavië, hoorde ik wat er met de Engelse commando’s in operatie Freshman gebeurd was en dat ons mogelijk hetzelfde lot wachtte als wij gevangen genomen zouden worden. Daarom kreeg ieder van ons een gifpil uitgereikt die in een rubberomhulsel verpakt zat. Operatie Gunnerside stond onder een geweldige tijdsdruk temeer daar Grouse erg verlegen zat om nieuwe bergschoenen, kleding, voedsel, wapens en munitie.
Op een dag was in het kantoor van Professor Tronstad en hij liet mij allerlei Top-Secret papieren zien.
“Het gaat om het Zwaar-Water” zei hij. “Het wordt in Vemork geproduceerd en het kan gebruikt worden om iets heel smerigs tot stand te brengen. Als de Nazi’s bepaalde problemen kunnen oplossen winnen zij de oorlog”. Hij draaide een paar pagina’s om en ik kon zien dat het om atoomsplitsing ging.
Op een dag wilde Kolonel Wilson alleen met mij praten. Volgens de planning zouden Arne Kjelstrup, Einar Skinnerland en ik op de Hardangervidda achter blijven om daar een basis op te bouwen. Wilson vertelde mij echter dat hij en Tronstad liever hadden dat wij allen via Zweden naar Engeland terug zouden keren, omdat zij bang waren dat wij gepakt zouden worden.
Als de missie succesvol zou zijn zouden de Nazi’s alles op alles zetten om de saboteurs te pakken te krijgen. Daarom hadden wij die gifpil gekregen. Als het rubber omhulsel doorgebeten werd zou de dood na drie seconden intreden. Gedurende de oorlog maakten vijf Noorse commando’s gebruik van deze pil.

Ik was radeloos, terug naar Engeland gaan was geen optie voor mij, de strijd tegen de bezetter moest in Noorwegen uitgevochten worden en niet in Engeland. Op het laatst gaven Wilson en Tronstad toe, maar het hele gesprek had mij wel aan het denken gezet.
Aan het einde van de explosievencursus in STS-17 kreeg de groep nog een speech van Professor Tronstad. Hij vertelde ons dat, indien de missie zou slagen, er honderd jaar  later nog over gesproken zou worden.


Dr. Jomar Brun
Na STS-17 werden wij naar Special Training School nr. 61 gestuurd, een instituut in het landhuis Gaynes Hall in de buurt van St. Neots in Cambridgeshire. Het was de verblijfplaats voor agenten die op geheime missies naar Europa gestuurd zouden worden en die hier op vervoer moesten wachten. Het landhuis werd zwaar bewaakt en er werd van alles georganiseerd door de commandant en zijn Fannies om ons bezig te houden. Door deze afleiding konden wij onze zenuwen in bedwang houden. De Fannies hadden eigen auto’s en daarmee konden wij de stad in, altijd onder begeleiding van de Fannies die voorkwamen dat wij in problemen zouden komen.
Meestal eindigde zo
’n avond doordat Rønneberg zei dat wij naar huis moesten. De ‘KIP’, de Fannies en ik vonden dat er nog wel een fles tegenaan kon, maar meestal kreeg Rønneberg zijn zin.

Nu en dan gingen wij toch over de streef.  Op- en om het landgoed liepen geweldig veel fazanten rond en die waren prima te eten. Dus kropen wij onder het prikkeldraad door en schoten op deze vogels met onze pistolen. Soms kwamen de boeren uit de omgeving bij de commandant klagen dat vreemde snuiters op hun land aan het jagen waren. Volgens de commandant kon dat niet want er waren geen bezoekers in het landhuis aanwezig en als er niemand was konden zij ook niet op fazanten jagen.
De Fannies en wij vonden dat er niets lekkerders bestond dan geroosterde fazant .
Wij verbleven drie maanden in STS-61 wachtend tot het weer in Noorwegen zou verbeteren, maar de winter van 1942-1943 was de slechtste ooit. De bommenwerper die ons zou vervoeren kon alleen ’s nachts Noorwegen bereiken en om te kunnen navigeren moest er maanlicht zijn. Net als bij Grouse werd ook nu weer keer op keer de missie afgeblazen.
                                                                      


Ondanks de tegenslag dat de dropping van Gunnerside een maand werd uitgesteld en ondanks hun slechte lichamelijke conditie begonnen de mannen van Swallow meteen aan de voorbereidingen voor de komst van het Gunnerside-team tijdens de januari maanperiode. Einar werd opgedragen de accu’s te laten bijladen en informatie te verzamelen over de Nazi-troepensterkte in Vemork. Poulsson en Kjelstrup zouden samen met Haugland, als hij de accu’s achtergelaten had de resterende containers ophalen die begraven waren. Helberg moest de uitrusting bij elkaar brengen die zij bij diverse hutten hadden achtergelaten. Daarna moest hij een rendier zien te schieten en zich verder schuil houden.
verder naar deel 2
weggum.com